In gemeentehuizen wordt vaak koffie geserveerd en jammer genoeg worden vaak ook restjes koffie weggegoten. Dat kan natuurlijk beter. Een gemeente kan kiezen voor een duurzaam koffiebeleid, met aandacht voor het tegengaan van verspilling maar ook voor de keuze van de koffiebonen. Wist je dat om de bonen voor 1 kopje koffie te produceren, gemiddeld 130 liter water nodig is?
De gemeente Evergem veranderde haar koffiebeleid. We spraken erover met Kathleen De Wulf, projectcoördinator duurzaamheid.
Hoe boden jullie vroeger koffie aan voor het gemeentepersoneel?
“Tot midden 2020 hing het koffie-aanbod af van de locatie waar men werkte. In het administratief centrum van Evergem – het gemeentehuis – werken de meeste personeelsleden. De poetsvrouw stond ’s morgens in voor het maken van koffie. Er werden dagelijks twee percolators koffie gemaakt en door haar verdeeld in grote koffiekannen. Eenmaal koffie gemaakt, plaatste de poetsvrouw in elke koffiehoek (twee of drie per verdiep) een koffiekan. Ook werd voor elke vergadering een verse kan koffie klaargezet. Bij grotere vergaderingen werden meerdere kannen koffie klaargezet in de vergaderruimte. Voor een zitting van de gemeenteraad werd enkele jaren geleden zelfs de keuze gemaakt om één kan koffie per twee gemeenteraadsleden te voorzien.
In het administratief centrum van Sleidinge – waar een dertigtal collega’s aan het werk zijn – en in de vrijetijdsdiensten (verspreid over de gemeente) werd de koffie ’s morgens en ’s middags door de medewerkers zelf gezet.
Voor de werklieden werd koffie gemaakt door de poetsvrouw.
De koffie die werd aangeboden was wel al duurzame koffie uit de wereldwinkel.”
En nu?
“Sinds we samenwerken met Join For Water hebben we ons koffie-aanbod in het administratief centrum Evergem teruggebracht tot slechts twee koffie- en waterhoeken voor het hele gebouw, waar medewerkers terechtkunnen voor hun tas koffie, thee en chocomelk. Verder zijn in het bestek voor de aankoop van de koffiemachine duurzame criteria opgenomen.
We willen de verspilling van koffie tegengaan, want heel wat koffiekannen werden op het einde van de werkdag nog bijna volledig vol of halfvol teruggebracht naar de keuken. Het rondbrengen van de koffie door onze poestvrouwen was bovendien heel intensief … Naast de poetstaken moesten zij dagelijks alle koffiehoeken in het gebouw bedienen. Verder willen we graag dat personeelsleden meer bewegen. Ze werden tot nu toe op hun wenken bediend door een koffiekan en water heel dichtbij te hebben.”
Wat is er positief verlopen in het veranderingsproces?
“De samenwerking tussen de verschillende diensten ging heel vlot. De dienst aankoop, de dienst gebouwen en logistiek, de dienst beleidsondersteuning (lokaal mondiaal beleid/duurzaamheid) en de dienst communicatie maakten deel uit van de projectgroep. Alles werd goed onderzocht en doorgesproken, en de aanpak versterkte het draagvlak voor het project. Dankzij mooie, duidelijke communicatie zien we dat alle medewerkers intussen enthousiast hun koffietas komen vullen en niet meer morren over het feit dat ze zich hiervoor moeten verplaatsen. En als laatste merk je ook dat momenten van informeel contact met collega’s die je eigenlijk anders niet zo vaak ziet, deugd doen bij heel wat medewerkers.”
Waren er valkuilen?
“Verandering wekt als eerste reactie vaak weerstand op, maar door te blijven communiceren en uit te leggen waar je voor gaat kan je weerstand wel ombuigen. Tegemoetkomen aan alle eisen en vragen is niet evident. Je hebt altijd collega’s die van bij het begin laaiend enthousiast zijn en collega’s die dat niet zijn. Met open, correcte en leuke communicatie creëer je alleszins meer begrip en waardering.”
